Schrijfvaardigheid

Schrijfvaardigheid

Leestekens: de komma (verschillende gevallen)

Komma’s maken vaak de structuur van de zin duidelijk, bijvoorbeeld bij bijstellingen, tussenwerpels en aansprekingen. Ook in getallen staat soms een komma.

Lees meer →
Schrijfvaardigheid

Leestekens: de komma (algemene regels)

Een komma geeft vaak aan dat er een pauze is in de zin. Ook zet je een komma tussen bijvoeglijke naamwoorden, in opsommingen en bij citaten.

Lees meer →
Schrijfvaardigheid

Leestekens: dubbele punt

Een dubbele punt gebruik je aan het begin van een opsomming of een citaat, maar ook bij verklaringen en toelichtingen. Na een dubbele punt komt meestal een kleine letter.

Lees meer →
Schrijfvaardigheid

Leestekens: het vraagteken en uitroepteken

Een vraagteken gebruik je natuurlijk bij een vraag en een uitroepteken bij een uitroep. Kun je ze ook in zakelijke teksten gebruiken?

Lees meer →
Schrijfvaardigheid

Leestekens: de punt

De punt is eigenlijk het makkelijkste leesteken: je zet hem aan het einde van een zin en in veel cijferreeksen.

Lees meer →
argumentatie opschrijven Schrijfvaardigheid

Argumentatie opschrijven

Argumentatie goed en duidelijk opschrijven is een belangrijke vaardigheid. Hoe doe je dat?

Lees meer →
Grammatica

Leestekens: de komma in samengestelde zinnen

In samengestelde zinnen helpt een komma vaak om de structuur van de zin duidelijk te maken. Tussen hoofdzin en bijzin staat meestal een komma.

Lees meer →
Grammatica

Soorten bijzinnen

Er zijn verschillende soorten bijzinnen, die verschillende functies hebben. In vorm zijn er grote overeenkomsten.

Lees meer →
plusquamperfectum Grammatica

Het plusquamperfectum

Het plusquamperfectum, of de voltooid verleden tijd, gebruik je om over een verder verleden te praten of over een niet-werkelijkheid.

Lees meer →
Grammatica

Woordsoorten: het voegwoord

Voegwoorden verbinden woorden, woordgroepen of zinnen met elkaar. Ze kunnen dat op verschillende manieren doen.

Lees meer →
Grammatica

Woordsoorten: de adpositie

‘Adpositie’ is een overkoepelende term voor voorzetsels, achterzetsels, omzetsels en voorzetseluitdrukkingen. Omzetsels zie je in: ‘Als je van het perron af komt, moet je naar links’.

Lees meer →
woordsoorten voorzetsel Grammatica

Woordsoorten: het voorzetsel

Voorzetsels geven vaak een locatie of tijd aan, maar kunnen ook vagere betekenissen hebben. Sommige kunnen ook als achterzetsel gebruikt worden. De betekenis verandert dan licht.

Lees meer →

Meer taal?

De nieuwsbrief voor NT2-docenten verschijnt elke week: zo krijg je elke week een nieuwe lestip! In de maandelijkse nieuwsbrief van AV Taaltraining lees je alles over mijn andere activiteiten.

Naam(Vereist)
Welke nieuwsbrieven wil je krijgen?(Vereist)
Algemene Voorwaarden en Privacybeleid(Vereist)
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.